Omgevingsvergunning

Wanneer heb je een omgevingsvergunning nodig?

Je hebt een omgevingsvergunning nodig wanneer de regelgeving van Ruimtelijke Ordening (Vlaamse Codex Ruimtelijke Ordening artikel 4.2.1 en 4.2.15), Bos, Natuur of Milieu je dat vraagt. Bij beschermde archeologische sites heb je een bekrachtigde archeologienota nodig. Dit geldt ook voor de beschermde archeologische zones uit het archeologiedecreet uit 1993. Heb je vragen over vergunningen, neem dan contact op met de dienst ruimtelijke ordening van je gemeente of stad.

Hoe vraag je een vergunning aan?

Je vraagt de vergunning aan bij de gemeente. De gemeente vraagt op haar beurt advies aan het agentschap Onroerend Erfgoed. Finaal beslist de vergunningverlenende overheid om de vergunning te verlenen of te weigeren of er eventueel voorwaarden te koppelen. Daarbij wordt onder meer rekening gehouden met het advies van het agentschap.

 

Schriftelijke toelating

Wanneer heb je een schriftelijke toelating nodig?

Heb je geen omgevingsvergunning nodig, maar plan je wel handelingen die de erfgoedwaarde van het beschermde goed zouden kunnen verstoren of schaden? Dan ben je verplicht om een schriftelijke toelating aan te vragen bij het agentschap Onroerend Erfgoed of de erkende onroerenderfgoedgemeente. (Onroerenderfgoedbesluit van 16 mei 2014 artikel 6.3.2 tot en met 6.3.11)

Weet je niet zeker of de werken toelatingsplichtig zijn? Kijk dan in het Onroerenderfgoeddecreet of in het beschermingsbesluit of contacteer het agentschap:

  • Werd het goed beschermd vóór 1 januari 2015, dan handel je volgens de generieke, specifieke en aanvullende toelatingsplichten uit het Onroerenderfgoedbesluit (artikel 6.2.1 tot en met artikel 6.2.13).  
  • Voor beschermingen vanaf 1 januari 2015 vind je in het beschermingsbesluit van het onroerend goed een lijst met toelatingsplichtige handelingen die van toepassing zijn op het goed.
  • Voor werken die in een goedgekeurd beheersplan van toelating worden vrijgesteld, heb je geen afzonderlijke toelating meer nodig.
  • Plan je werken in een beschermd stads- of dorpsgezicht? Zie verder.

Hoe vraag je een schriftelijke toelating aan?

Je gebruikt hiervoor een aanvraagformulier, dat je indient bij het agentschap Onroerend Erfgoed of bij de erkende onroerenderfgoedgemeente. Zij evalueren of de voorgestelde werken de erfgoedwaarde van het beschermde goed respecteren. Als dat zo is, krijg je de gevraagde toelating, eventueel met voorwaarden, binnen de dertig dagen. Valt er niet tijdig een beslissing, dan wordt de toelating stilzwijgend verleend.

Wanneer je een toelating in handen hebt, moet je die bekendmaken door het bericht aan te plakken op het betrokken goed of door de belanghebbenden aangetekend op de hoogte te brengen. Als er hierna geen beroep wordt aangetekend, mag je effectief van start gaan, volgens de gestelde voorwaarden.

Meldingen en toelatingen in een beschermd stads- of dorpsgezicht

Plan je werken in een beschermd stads- of dorpsgezicht en heb je hiervoor geen omgevingsvergunning nodig? Vul dan het meldingsformulier in en bezorg dit aan je gemeente.

Je mag met de werken starten vanaf de twintigste dag na de melding, behalve als de gemeente oordeelt dat de werken de wezenlijke eigenschappen van het beschermde stads- of dorpsgezicht verstoren. In dat geval heb je een schriftelijke toelating nodig van het agentschap Onroerend Erfgoed of, indien van toepassing, de erkende onroerenderfgoedgemeente.

Meer informatie vind je in het Onroerenderfgoeddecreet van 12 juli 2013 en het Onroerenderfgoedbesluit van 16 mei 2014 (artikel 6.3.12).

Verwar deze melding niet met de meldingsplicht binnen de wetgeving op Ruimtelijke Ordening. De meldingsplicht binnen de wetgeving op Ruimtelijke Ordening geldt trouwens niet voor handelingen aan en in beschermd erfgoed (artikel 6). Meldingsplichtige werken aan en in beschermd erfgoed blijven vergunningsplichtig.

Opgelet: Voor de hele of gedeeltelijke sloop, het optrekken of het plaatsen of het herbouwen van een gebouw of een constructie in een beschermd stads- of dorpsgezicht moet je altijd een schriftelijke toelating aanvragen bij het agentschap Onroerend Erfgoed of, indien van toepassing, de erkende onroerenderfgoedgemeente. Als je voor de werkzaamheden een omgevingsvergunning moet aanvragen, wordt de toelating verleend via de omgevingsvergunning en hoef je geen aparte aanvraag in te dienen. (Onroerenderfgoedbesluit van 16 mei 2014 artikel 6.3.2 tot en met artikel 6.3.11)

 

Noodgevallen

Wanneer het beschermde goed bedreigd wordt na bijvoorbeeld hevige weersomstandigheden dan is het niet nodig je vergunning of toelating af te wachten. Je neemt meteen voorlopig bewarende maatregelen, in afwachting van een duurzamere oplossing. Zo voorkom je bijkomend verlies van erfgoedwaarden. Je meldt elk schadegeval en de tijdelijke oplossing wel zo snel mogelijk aan eendecentrale dienst van het agentschap Onroerend Erfgoed. Gebruik hiervoor dit formulier.

Links